Spelregels

 

Spelregels met betrekking tot wedstrijd en organisatie

  1. De speeltijd is 2 x 10 minuten, inclusief wisseling van speelhelft. Er wordt gespeeld volgens het rally-point-systeem (elke fout is een punt). Dus bij 21 punten wordt er gewoon doorgespeeld tot het tijd is.

  2. Wanneer het signaal "einde wedstrijd" tijdens de rally wordt gegeven, wordt de rally nog uitgespeeld.

  3. In onderling overleg wordt er om de 7 punten gewisseld van speelhelft.

  4. Er mogen geen time-outs worden aangevraagd

  5. Tijdens de set mag er niet gewisseld of doorgedraaid worden. Mocht er zich een blessure voordoen waardoor de wedstrijd gestaakt moet worden, dan is deze verloren.

  6. Elk team is verplicht op aanwijzen van de wedstrijdleiding een teller en scheidsrechter te leveren

  7. Bij het niet of niet op tijd aanwezig zijn op het veld, wordt deze set met 21-0 verloren.

  8. Bij gelijke stand wordt het saldo van het aantal voor en tegen gescoorde punten opgeteld

  9. Na elke wedstrijd dienen beide teams het wedstrijdbriefje te tekenen om misverstanden te voorkomen.

  10. De scheidsrechter beslist, in alle andere situaties beslist het wedstrijdsecretariaat.

  11. De commissie beslist in alle overige gevallen waarin dit reglement niet voorziet.

 

Regels met betrekking tot balbehandeling

  1. Het aanraken van de bal door het blok geldt als 1 x spelen. De ploeg mag daarna de bal nog 2 x spelen. Na de blokactie mag de blokkeerder zelf de tweede bal spelen.

  2. Elke eerste bal dient hard contact gespeeld te worden.

  3. Push-ballen zijn niet toegestaan; alleen met hard contact mag de bal over het net gespeeld worden.

 

Regels met betrekking tot speelveld

  1. De spelers zijn vrij in het kiezen van de positie en er kunnen dus geen opstellingsfouten worden gemaakt. Opslagvolgorde staat wel vast.

  2. De scheidsrechter/teller moet de juiste opslagvolgorde aangeven. Indien een verkeerde speler gaat serveren, moet hij/zij dit corrigeren; rally verloren door de serverende ploeg. Nooit punten aftrekken.

  3. Een speler mag met een deel van zijn lichaam op het veld van de tegenpartij komen, mits de tegenstander niet direct of indirect gehinderd wordt.